Gezondheid van mijn paard

Voedingsstoffen

Wat zijn de belangrijkste voedingsstoffen en in welke verhouding voer je deze?

(auteur Dr. Anneke Hallebeek www.voedingsadviespaard.nl)


Wat een moeilijke vraag!


 

Als voedingsspecialist zeg ik natuurlijk al snel dat alles belangrijk is Op korte termijn is energie en eiwit uiteraard van belang. Te veel of te
 weinig energie geeft verandering in de Body Condition Score. Je moet dus regelmatig naar je paard kijken en voelen of hij niet dikker of magerder
 aan
 het worden is. Voor de spierontwikkeling, zeker bij jonge groeiende
 paarden
 en sportpaarden, is de hoeveelheid eiwit van belang. Onvoldoende eiwit
 geeft
 minder groei en minder spieropbouw. Teveel eiwit is ook niet goed,
 echter
 het leidt niet tot hoefbevangenheid wat men voorheen altijd dacht. De
 meeste
 paarden op gemiddelde kwaliteit hooi krijgen al snel voldoende eiwit binnen,
 op gras zeker een overschot.


 

Dan zijn er mineralen, spoorelementen en vitaminen.
 Voor jonge groeiende paarden zijn mineralen als calcium, fosfor en
 magnesium belangrijk voor een goede botontwikkeling. Calcium en fosfor moeten
 uiteraard voldoende in het rantsoen zitten en dan in verhouding van
 1:-2:1
 maar voor volwassen paarden mag dat wel oplopen tot 5:1. Ook hier weer
 in
 de
 meest gangbare rantsoensamenstellingen zal dit kloppen. Het wordt anders
 als
 je bijzondere middelen gaat geven in grote hoeveelheden (véél luzerne of
 véél bietenpulp of véél haver of véél zemelen) of allerlei supplementen
 door
 elkaar bij gaat voeren. Magnesium is in het rantsoen vaak voldoende,
 soms
 met hooi van lage gehalten is dit te weinig. Een hooi analyse biedt
 uitkomst.


 

Voor vele processen in de stofwisseling zijn kleine hoeveelheden van
 bepaalde mineralen nodig, ze noemen dit de spoorelementen. Een tekort
 leidt
 niet snel tot problemen. Maar maandenlang of jarenlang te weinig geven
 kan
 zeker de gezondheid schaden. Denk hierbij aan koper, zink en selenium.
 En
 combinatie ruwvoer+krachtvoer voorziet vaak in de behoefte. Alleen
 ruwvoer
 kan arm zijn hieraan. Supplementen kunnen dit aanvullen. Het risico van
 supplementen is dat je niet altijd weet of het aanvult wat nodig is. Een
 rantsoenberekening is daar handig voor, maar een ingewikkelde exercitie.
 Teveel supplementen door elkaar gebruiken raad ik af, omdat dan juist de
 verhoudingen uit balans raken (Ca:P, Ca:P:Mg, Cu:Zn:Mn etc)
.

 

Hetzelfde geldt voor vitaminen, met name A, D en E. Vitamine C, B en K
 maakt
 het paard zelf. Vitamine A en D zijn vaak voldoende en daar hebben
 paarden
 wel wat reserve van. Vitamine E kan aan het einde van de winter
 onvoldoende
 zijn, zeker bij weinig krachtvoer aanvulling.

 

De meeste voerfouten ontstaan niet door grote tekorten of overschotten
 met
 mineralen en vitaminen, maar ontstaan doordat er te weinig ruwvoer wordt
 gegeven of doordat de kwaliteit van het ruwvoer niet goed is. Het
 voermanagement is de belangrijkste factor om een paard goed te voeren.
 Dus
 hoeveel ruwvoer, wanneer op de dag en welke kwaliteit. Waarbij ook de
 overgangen tussen voerbalen aanleiding zijn voor problemen. Krachtvoer
 is
 een aanvullend voer en is niet het belangrijkste onderdeel van het
 rantsoen.


Zoekwoord(en):
Gezondheid van mijn Paard