Gezondheid van mijn paard

Training

 

Hoe de training het welzijn en de gezondheid van je paard beïnvloedt

 

“Don’t try to change something that is already perfect”
Divah

 

 

Als we er eens goed over nadenken is het best een raar idee om op een paard te gaan zitten en bijvoorbeeld dressuur te rijden of over hindernissen te springen. Het lichaam van een  paard is van nature bij uitstek geschikt om te bewegen, maar tijdens de evolutie van het paard is er geen rekening mee gehouden dat ze ooit een ruiter op haar rug zou moeten dragen, laat staan dat ze met haar hoofd in een “net” houdinkje moet lopen omdat dat er “mooi” uitziet.


We vinden het normaal omdat we opgegroeid zijn met het idee dat een paard ervoor is om bereden te worden. Als we nu eens bewust gaan kijken wat het effect is van onze training en eisen aan het paard dan zul je zien dat paarden erg hun best voor ons willen doen, maar overbelast raken, vaak blessures oplopen of “gedragsproblemen vertonen tijdens het werk. Ik zet “gedragsproblemen tussen haakjes omdat het paard ons alleen maar iets wil vertellen en wij niet in staat zijn om subtielere signalen in een eerder stadium op te vangen.


Veel sportpaarden worden op jonge leeftijd al afgekeurd voor de sport of zelfs voor “recreatief gebruik”, dit lijkt me toch wel de moeite waard om eens te kijken waardoor zoveel paarden in de problemen komen. Wat wij van een paard in de training vragen is niet te vergelijken met wat een paard van nature zou doen. De hoeveelheid beweging is meestal te laag en de training is te veel, te intensief in korte tijd en de bewegingen zijn niet conform hoe het dier op de prairie zou rondrennen.
Veel paarden worden onder omstandigheden gehouden die te kort doen aan hun lichamelijke, emotionele, mentale en sociale behoeften. Denk aan gebrek aan (bewegings)vrijheid, geen of nauwelijks (lichamelijk) contact met soortgenoten, verstoring van het natuurlijke dag- en nachtritme  en voeding die afwijkt van wat een paard van nature zou eten, waardoor voedingsgerelateerde problemen ontstaan.
Wanneer daarnaast de training niet goed afgestemd is op het paard kunnen kreupelheden, rugproblemen, slechte algehele gezondheidstoestand en gedragsproblemen al of niet tijdens het werk het gevolg zijn.


 In dit artikel zal ik alleen ingaan op een onderdeel van de training, maar alle andere genoemde punten zijn minstens zo belangrijk. Om een paard te kunnen trainen moet het dier in een goede gezondheid verkeren zowel lichamelijk als psychisch.

 

De natuurlijke scheefheid of gebogenheid van het paard:
Het trainingsonderdeel waar ik jullie wat over wil vertellen is de natuurlijke scheefheid of gebogenheid van een paard en wat “rechtrichten” nu precies betekent.
Paarden zijn van nature links- of rechtgebogen. Dit is een beetje te vergelijken met “ons links-  of rechtshandig zijn”. De gedachte is dat deze gebogenheid ontstaat door de vorm van het paard. Wanneer je een paard van boven bekijkt zie je dat de voorkant van het paard smaller gebouwd is dan de achterkant (figuur 1).
Als één achterbeen sterker is dan het andere  waardoor het meer naar voren geplaatst wordt, zal dit voor een gebogenheid in het lichaam zorgen. Als je geblinddoekt van de ene zijde van een zaal naar de andere moet lopen kom je nooit recht aan de overkant aan vanwege ditzelfde fenomeen, je maakt als het ware een soort bochtje naar links of naar rechts.


Een paard kan een gebogenheid naar links of naar rechts tonen in de wervelkolom wat ook wel een scoliose wordt genoemd (figuur 2). Vrij in de natuur ondervindt een paard hier geen problemen van, maar sinds we besloten hebben om paarden te berijden is de belasting niet natuurlijk meer. Ze moeten extra gewicht dragen wat hun evenwicht verstoort en de houding en oefeningen die we vragen zijn toch ook niet volledig natuurlijk meer.  Dit alleen al kan blessures veroorzaken door overbelasting van de weefselstructuren in het lichaam van het paard.

CIMG7248 

 

 

 

 

 

 

 

 

Figuur 1;De vorm van het paard.  Figuur 2; Een paard dat een gebogenheid naar rechts toont (scoliose).

 

Gebogenheid naar links en gebogenheid naar rechts:
Het lichaam van een paard kan naar links of naar rechts gebogen zijn. In het geval van een gebogenheid naar links is de spierketen aan de linkerkant van het paardenlichaam korter (sterker) dan aan de rechterkant. Dit kan de volgende consequenties hebben (figuur 3a en b):

 

  • In de meeste gevallen zal het paard haar staart scheef naar links dragen  (de spieren in het lichaam zijn links immers korter dan rechts; figuur 3a).
  • Het zadel ligt niet langer midden op de rug van het paard (figuur 3a), maar zakt naar rechts.
  • De ruiter zit ook niet in het midden. Het lichaam van de ruiter wordt ook naar rechts geplaatst; (figuur 3a).
  • De rechterkant van het bekken van het paard staat lager dan de linker kant. De rode lijn in figuur 3a is midden door het heupbot aan de linkerkant getekend en toont hoe de lijn door het rechter heupbot zou verlopen als het bekken recht zou staan. De gele lijn toont de positie van het bekken bij dit paard bij aanvang van de training.
  • Over het algemeen zal dit paard meer gewicht dragen op zijn rechter voorbeen. Op de lange termijn kan dit blessures veroorzaken door overbelasting van dit been! Later in dit artikel zal ik dit verder uitleggen.
  • De ruiter zal opmerken dat het paard sterker is (harder trekt) aan de rechter teugel dan aan de linker teugel en in de meeste gevallen vindt het paard het niet fijn of moeilijk om naar rechts af te draaien.
  • Het paard zal zijn rechter achterbeen minder ver naar voren onder het lichaam plaatsen dan het linker achterbeen, omdat de spieren aan de rechter kant van het paard langer (minder sterk) zijn dan de spieren aan de linker kant. Het paard mist dan de spierkracht om het rechter been voldoende naar voren te plaatsen. Dit beeld kan overigens verward worden met een bewegingskreupelheid.  

 

Kreupelheden worden opgedeeld in belastings- en bewegingskreupelheden. Een belastingskreupelheid betekent dat het paard met name pijn heeft tijdens de belastingsfase van de beweging (de periode dat hoef op de grond staat), terwijl een paard met een bewegingskreupelheid de meeste problemen ondervindt tijdens de zwaaifase (wanneer het been naar voren geplaatst wordt). 

2006-12-15 030 (1) 

liane2 

 

 

 

 

 

 

 

 

Figuur 3a; paard met buiging
naar links.
Figuur 3b; Hetzelfde paard na 15 minuten training.

 

 

De twee belangrijkste principes van het ”recht richten” van een paard.

 

De verticale balans:
Een paard is verticaal in evenwicht als het op een rechte lijn een hoek maakt met de grond van 90 graden. Op een volte hangt de juiste hoek af van de diameter van de volte en de snelheid. Dit is vergelijkbaar met het rijden van een motor. Als een motorrijder naar rechts wil draaien dan moet hij zijn lichaamsgewicht ook naar rechts brengen. Te veel gewicht naar rechts, wat ervoor zorgt dat de hoek met de motor en de grond te klein wordt, kan eindigen in een pijnlijke confrontatie met het asfalt. Te veel lichaamsgewicht naar links zal ervoor zorgen dat de motor rechtdoor gaat in plaats van rechtsaf of op z’n minst is het erg lastig om de motor in balans te houden.
Van nature houdt het paard haar verticale balans op een volte door de schouder naar binnen te brengen om af te draaien en haar hoofd en hals naar buiten te brengen als een soort tegengewicht (figuur  4). In dit laatste geval is de hoek met de grond klein wat een grote belasting geeft op de onderste gewrichten in het been van het paard. Deze zijn namelijk anatomisch in principe alleen in staat om te buigen en te strekken in een vlak evenwijdig aan het paard. Het kantelen van deze gewrichten naar links of rechts is maar heel beperkt mogelijk.


Met name van dressuurpaarden wordt verwacht dat ze in de volte lengte buiging in hun lichaam aannemen. Lengtebuiging is de buiging van de wervelkolom naar links en naar rechts. Dit is alleen mogelijk wanneer het paard de juiste hoek met de grond maakt (figuur  5).

 

 

tinkerbel 012

lido 5 nov 

 

 

 

 

 

Figuur 4; ongetraind paard
De rode lijn toont de hoek met grond.
Het hoofd wordt naar buiten gebracht.

Figuur 5; paard dat de juiste lengtebuiging aanneemt. 
De hoek met de grond is correct.

                 .
         

Een paard dat naar rechts gebogen is zal op de volte naar links uitzwaaien met de achterhand (naar buiten) en op de linker schouder vallen (figuur 4) waardoor er te veel gewicht op het linkerbeen, het binnenbeen gebracht wordt. Een paard moet in de wending naar links gewicht hebben op het buitenbeen zodat zij af kan zetten met dit been en de bocht kan draaien (figuur 6). Wanneer het paard op de schouder valt raakte het paard uit balans en krijgt letterlijk het gevoeld dat zij “omvalt” wat ervoor kan zorgen dat zij gaat “rennen”. Door de snelheid en het ritme van de beweging te verhogen wat resulteert in korte overhaaste passen, probeert het paard haar balans te bewaren. Een paard kan zich ook zo oncomfortabel voelen dat ze besluit om te stoppen met bewegen, wat wij interpreteren als staken, of het paard gaat in een te laag tempo lopen en is moeilijk voorwaarts te krijgen. In andere gevallen kan het paard “verzet” tonen door te gaan bokken of steigeren.  

De meeste paardeneigenaren beschouwen dit als “slecht gedrag” of een “probleem paard”, maar in feite is het een wanhopige poging van het paard om ons te vertellen dat zij zich oncomfortabel voelt en dat we iets moeten veranderen. Een paard dat te veel gewicht op de binnen schouder brengt kan een (belastings-)kreupelheid laten zien omdat zij daadwerkelijk “valt” op het binnenbeen. Dit kan hetzelfde beeld geven als wanneer het paard last heeft van zijn rechterbeen en daardoor “valt” op het linkerbeen om rechts zo veel mogelijk te ontlasten. De kreupelheid kan ook veroorzaakt worden door spanning in de rug als gevolg van “het uit balans raken”, maar op de lange termijn kan dit allemaal zorgen voor overbelasting en beschadiging van de anatomische structuren en kan het paard dus een kreupelheid tonen door een daadwerkelijke blessure. Met name de structuren in het onderste deel van het voorbeen zijn heel gevoelig.

IMG_9844a IMG_9860a
Figuur 6;
Links; paard met een gebogenheid naar rechts op de linkervolte. De hoek die het paard maakt met de grond is te klein. De ruiter compenseert dit door te veel gewicht naar de buitenzijde van het paard te brengen. De combinatie blijft zo in evenwicht, maar dit is niet correct omdat de hoek met de grond zo te klein zal blijven, het paard haar binnenbeen zo te veel belast en geen buiging aan zal kunnen nemen in haar lichaam.
 Rechts; Hetzelfde paard na 30 minuten training. Het paard maakt nu de juiste hoek met de grond, toont de juiste lengtebuiging die in overeenstemming is met de richting van de wending en de diameter van de volte. Ruiter en paard zijn in balans omdat ze beide dezelfde hoek maken met de grond. Nu kan het paard haar rug ontspannen wat resulteert in nageeflijkheid en een voorwaarts- neerwaartse tendens van hoofd en hals wat ook wel de “horizontale balans” wordt genoemd.

 

Wanneer we een paard met een gebogenheid naar rechts op een rechtervolte rijden zijn er twee mogelijkheden.
1) Het paard heeft hier geen moeite mee aangezien zij voor een wending naar rechts lengtebuiging naar rechts nodig heeft en dit “van nature” al heeft.
2) Als het paard sterk rechtsgebogen is, heeft zij de neiging om te veel gewicht op het buitenbeen te brengen en daardoor “loopt ze over de schouder weg” naar buiten. Vaak verplaatst het gewicht van de ruiter zich  ook naar de buitenzijde waardoor het lastig wordt voor het paard om naar rechts te draaien.
Op een rechte lijn zal een paard met een gebogenheid naar rechts ook te veel gewicht op het linker voorbeen brengen. Wanneer de ruiter dan ook nog eens te veel gewicht op de buitenkant (linkerkant) van het paard legt zorgt dit voor een enorme verstoring van het evenwicht met als gevolg ernstige spanning in de rug om de disbalans te compenseren (figuur 7).
Het is mogelijk voor een paard om een aanzienlijk gewicht te dragen, maar alleen  wanneer paard en ruiter met zichzelf en elkaar in evenwicht zijn.
Je kunt de beschreven situatie vergelijken met een gewichtheffer die een halter moet optillen waaraan links een gewicht van 100 kg en rechts een gewicht van 50 kg is bevestigd. Hij zal door het verschil in gewicht uit evenwicht raken en dit moeten compenseren in zijn rug of andere delen van zijn lichaam wat uiteindelijk zal leiden tot blessures. Probeer dit zelf maar eens uit (misschien met wat kleinere gewichtjes om te beginnen).

CIMG7249

CIMG7253 

 

 

 

 

 

 

Figuur 7; links; Paard met een gebogenheid naar rechts.
Zadel en ruiter zakken naar links. 

 

Rechts; ruiter corrigeert de buiging naar rechts door het paard naar links te laten buigen en haar eigen gewicht naar rechts te brengen waardoor het zadel midden op haar paard komt te liggen.

 

De horizontale balans:
Wanneer we het paard trainen met behulp van corrigerende oefeningen en het paard zichzelf verticaal in balans gebracht heeft, betekent dit dat het paard “recht gericht is” waardoor zij haar rug kan ontspannen. Op dat moment zal het paard nageeflijk worden en een voorwaarts- neerwaartse tendens tonen met hoofd en hals. Nageeflijkheid is dus iets wat je KRIJGT van het paard op het moment dat het paard in staat is om zich te ontspannen. Je kunt het dus niet AFDWINGEN. Doe je dit toch dan bezorg je het paard veel spanning in de rug en discomfort in haar lichaam.
Zodra het paard zelf een voorwaarts- neerwaartse houding aan wil nemen is zij horizontaal in balans (figuur 8). Paarden hebben in de natuur voordeel van de relatief lange hals en een “zwaar” hoofd. Dit is makkelijk bij het grazen en het nodigt uit om voorwaarts te bewegen. Een paard loopt in feite letterlijk “haar hoofd achterna”.
Stel je voor dat je een zware kist moet dragen. Zolang als je deze kist voor je buik houdt dichtbij je lichaam is het geen probleem om stil te blijven staan. Wanneer je je armen naar voren uitstrekt zo ver als je kunt zal het gewicht ervoor zorgen dat je uit evenwicht raakt en om dit te compenseren zul je naar voren toe moeten bewegen en zo herstel je je balans.
Een ander voorbeeld wordt gedemonstreerd door de manier waarop renpaarden in volle galop over de baan gaan.  Zij houden hun hals lang en hun hoofd vrij laag en brengen veel gewicht op de voorhand, hierdoor ontwikkelen ze een sterke “drang naar voren”.
We kunnen de hals van een paard dus eigenlijk vergelijken met een bezemsteel met een zwaar gewicht aan het eind, het hoofd. Door de hals op lengte te brengen zal het paard met meer impuls gaan bewegen, langere passen maken, de voorbenen verder naar voren zwaaien voor het lichaam en de achterbenen verder naar voren, onder het lichaam plaatsen. Als de hals van het paard te kort wordt gehouden zullen de voorbenen niet ver genoeg naar voren zwaaien wat ervoor zorgt dat de voorbenen meer gewicht dragen tijdens de belastingsfase (fase dat het been op de grond staat), maar belangrijker is nog dat dan de achterbenen te ver achter het lichaam geplaatst worden.

Om het gewicht van een ruiter te kunnen dragen moet het paard haar buikspieren aanspannen. De buikspieren van een paard worden geactiveerd als de achterbenen naar voren gebracht worden. Wanneer het paard de achterbenen niet ver genoeg naar voren onder haar lichaam plaatst, worden de buikspieren onvoldoende geactiveerd en raakt de balans tussen buikspieren en rugspieren verstoord. Op de lange termijn ontwikkelen de buikspieren zich onvoldoende wat voor een overbelasting van de rugspieren zorgt. Dit kan leiden tot allerlei rugproblemen waaronder “kissing spines”.
Zodra het paard comfortabel en bevestigd is in haar verticale en horizontale balans is de volgende stap “het verplaatsen van een deel van het gewicht van de voorbenen naar de achterbenen”. Normaal gesproken draagt een paard 60% van haar lichaamsgewicht op haar voorbenen. Dit is als ze vrij op de prairie rond loopt geen probleem, maar nu moet ze ook het gewicht van een ruiter dragen waardoor de voorbenen extra zwaar belast worden.
De achterhand van een paard is veel sterker en bespierder dan de voorhand waardoor het gunstiger is om meer gewicht naar de achterhand te brengen. Dit wordt ook wel “het oprichten” van het paard genoemd. Nu is het niet zo dat we een paard zomaar “op kunnen richten” omdat het theoretisch beter voor haar is. Een voorwaarde is dat het paard haar rug kan ontspannen en dus eerst verticaal en horizontaal in evenwicht moet zijn. Vanuit de voorwaarts-neerwaartse tendens die we van het paard krijgen als ze  verticaal in evenwicht is kunnen we langzaamaan gewicht naar de achterbenen gaan plaatsen. De spieren van de achterhand moeten de tijd krijgen om zich een te passen aan de hogere belasting en het paard moet een nieuw evenwicht zien te vinden.
Zodra het paard het vermogen heeft ontwikkeld om zich op te richten zal zij in staat zijn om expressief te bewegen met gratie en schoonheid (figuur 9). Beleef de kracht en de energie die het paard je laat voelen en respecteer en waardeer dat wat het paard bereidt is om je te geven.

Wat het doel ook is dat je samen met je paard wilt behalen, bedenk dat jullie samen plezier moeten beleven aan de weg er naartoe omdat je nooit de garantie hebt dat je je doel zult halen en als je het wel haalt is de vreugde daarover maar van beperkte duur.

lido 5 nov 

lido 5 nov 

 

 

 

 

 

 

Figuur 8; Horizontale balans. Figuur 9; De “oprichting”.

 

Ten slotte:

 

De definitie van dressuur is het tonen van de natuurlijke bewegingen van het paard onder de ruiter in ongedwongenheid. Om ons paard zo mooi en perfect te houden als zij van nature is (figuur 10), wordt het tijd dat wij ons echt gaan inleven in dat wat een paard nodig heeft op alle gebieden en niet vast te houden aan dat wat wij DENKEN dat een paard nodig heeft.
Blessures, rugproblemen en gedragsproblemen zijn vaak het gevolg van onze wens om paarden te trainen voor een bepaald doel. Kennis van het paardenlichaam en de natuurlijke gebogenheid van een paard kan veel problemen voorkomen op het gebied van training. Vooral tijdens de dressuur wordt van het paard verlangd dat zij haar hoofd in een bepaalde houding brengt (figuur 11).

doortje

Pandora 

 

 

 

 

Figuur 10 :De natuurlijke houding en beweging van het paard.

Figuur 11; De houding die over het algemeen tijdens dressuurtraining wordt verlangd.

 

Als een paard een natuurlijke gebogenheid naar links of naar rechts heeft en we het paard dwingen in deze ”dressuurhouding” te lopen, veroorzaakt dit een ongelijke aanspanning of rek op de linker versus de rechter rugspieren. Dit zorgt voor spanning en pijn in de rug.
Dit artikel is bedoeld om het belang van het “rechtrichten” en daarmee “het symmetrisch” maken van het paard uit te leggen. Er bestaan veel verschillende oefeningen die het paard helpen om zichzelf in verticaal evenwicht te brengen waardoor zij haar rug kan ontspannen en haar gewicht evenredig kan verdelen over haar vier benen. Elke situatie en elk individuele paard heeft een eigen benadering nodig afhankelijk van de lichamelijke toestand, de mentale en emotionele conditie en de persoonlijke sterke en zwakke punten van het paard (denk bijvoorbeeld aan bouw en de souplesse die een paard van nature heeft meegekregen).

 

Als laatste wil ik je graag wat punten meegeven om over na te denken.
Waarom willen wij eigenlijk dat een paard in een bepaalde houding loopt? Wat is er mis met de natuurlijke houding van het paard? Is het paard niet al mooi zoals het is, het paard is perfect zoals het is!  Wij mensen willen graag alles aanpassen aan onze wensen en eisen en missen dan de schoonheid die van nature al aanwezig is.
Iedereen kan zien dat het sportpaard in de laatste jaren behoorlijk veranderd is qua bouw en beweging. Bij het selecteren van hengsten wordt met name gekeken naar de bewegingen. Die moeten spectaculair, verend en gedragen zijn. Bij dit soort bewegingen hoort een bepaalde bouw en we hebben van ons paard een ware atleet gemaakt. Maar kan dit eigenlijk wel? Kan zo’n atletisch gebouwd paard het gewicht van een ruiter dragen en zijn de structuren in het lichaam zoals pezen, banden, gewrichtskapsels en spieren van een paard wel geschikt om zo gebouwd te zijn en zulke bewegingen te hebben?
Er wordt met steeds meer  “bloed” gefokt omdat deze paarden elegant zijn, een mooi hoofd hebben en uitstraling. Maar vaak hebben ze meer werklust en uitstraling dan ons lief is, zijn ze angstig en druk en overgevoelig.
Binnen de paardenwereld wordt vaak beweerd dat een goed sportpaard een moeilijk karakter moet hebben, want als zo’n paard het eenmaal voor je gaat doen dan heb je een topper die een echte vechtersmentaliteit heeft. Het probleem is alleen dat veel van deze paarden het nooit voor je gaan doen tenzij je heel veel tijd en effort investeert en bereid bent om je oude denkpatronen los te laten en te zoeken naar dat wat je paard nodig heeft om samen met jou aan het werk te willen. Dit kan uiteindelijk hele mooie ervaringen opleveren maar als je ’s avonds vanuit je werk “even” een uurtje wil paardrijden om je te ontspannen adviseer ik je om een paard te kiezen dat  “cool” in het hoofd is en van nature makkelijk in de omgang.

 

“Alle kunsten en wetenschappen hebben in onze tijd zoveel vooruitgang geboekt dat de bereikte doelen inmiddels vaak grenzen aan het wonderbaarlijke; het is de hoogste tijd hieraan een voorbeeld te nemen, alle verouderde vooroordelen aan de kant te zetten en de basisregels van ons streven naar het voortbrengen van een goed paard af te leiden uit de natuur. Deze werkt volgens streng converteerbare wetten, die alleen kunnen worden ontdekt door waarnemen van haar onvervalste scheppingen”

 

Uit: Das Gymnasium des Pferdes, door Gustav Steinbrecht. 1808-1885.

 

Hartelijk Dank:

 

Hierbij wil ik Antoine de Bodt (België) bedanken voor alles wat hij mij geleerd heeft over het trainen van paarden en in het bijzonder het “rechtrichten”. Ik ben Paul Chek (USA) dankbaar voor zijn hulp bij mijn persoonlijke ontwikkeling waardoor ik mijn “legacy” heb kunnen vinden wat mij de mogelijkheid heeft gegeven om te kunnen doen waar ik me volledig gelukkig bij voel. Maar bovenal dank ik alle paarden die me zoveel geleerd hebben door mij en mijn handelingen te reflecteren en me vriendelijk en geduldig de kans gaven om te leren van mijn fouten.
Alle beschreven kennis komt voort uit principes vanuit de klassieke dressuur en vanuit vele jaren praktijkervaring als trainer en dierenarts.

 

 

 Let your horse be your teacher!
Divah

 

 

Testimonial:

Just let the horse speak for himself:

Secret zijaanzicht

2008-06-26 042


Secret; Oktober 2007                               Secret; Juni 2008

 

 

Referenties:
Steinbrecht, G. 2007. Das Gymnasium Des Pferdes. Derde druk. Baarn, Tirion Uitgevers BV.

 

Auteur:
Karin van Aalten

  

 

©www.gezondheidvanmijnpaard.nl                                                                 NAAR BOVEN 

 

DISCLAIMER                                                                                         HOME

 

 

 

 





Zoekwoord(en):